Er is door de Nederlandse timmer-, deuren- en hang- & sluitwerkindustrie uitvoerig onderzoek ingesteld naar de inbraakwerendheid van houten gevelelementen volgens NEN 5096 en de NEN-EN 1627 t/m NEN 1630. Dit heeft geresulteerd in een groot aantal combinaties van houten gevelelementen met toepassing van specifiek hang- en sluitwerk. De resultaten van deze onderzoeken zijn door SKH verwerkt in de SKH-Publicatie 98-08.
Basis voor gecertificeerde houten gevelelementen is BRL 0801 (Beoordelings-richtlijn voor houten gevelelementen) en BRL 0803 (Beoordelingsrichtlijn voor houten buitendeuren). De KVT (Kwaliteit van houten gevelelementen), uitgegeven door de Ned. Bond van Timmerfabrikanten, is het uitgangsdocument voor kwalitatief timmerwerk. De SKH-Publicatie 98-08 is een aanvullend document op de KVT en omschrijft de specificaties voor inbraakwerend geveltimmerwerk.
Voor u ligt de versie t/m november 2012 van de SKH-Publicatie 98-08. Deze publicatie is de algemene leidraad voor de productie van houten ramen en deuren in samenstel met kozijnen die dienen te voldoen aan de eisen van het Bouwbesluit (art. 2.129 t/m 2.131) m.b.t. inbraakwerendheid. Deze SKH-Publicatie draagt zorg voor een juiste specificatie van houten gevelelementen teneinde te voldoen aan de prestatienorm van NEN 5096 en NEN-EN 1627 t/m NEN 1630. De onderbouwing van deze prestatienorm is gerealiseerd vanuit bovenvermelde beproevingen, waarbij zo veel als mogelijk rekening is gehouden met de overige publiekrechtelijke eisen die aan gevelelementen worden gesteld.
Het in deze publicatie opgenomen hang- en sluitwerk en bevestigingsmiddelen voldoen aan alle eisen van NEN 5096 en NEN-EN 1627 t/m NEN 1630. Wanneer uit de toepassing van hang- en sluitwerk en bevestigingsmiddelen blijkt, dat dit niet de gedragingen van hout (een natuurproduct) kan volgen en daarbij in de fase van gebruik van deze gevelelementen tot storingen of gebreken leidt, behoudt SKH zich het recht voor, bij gebleken noodzakelijkheid, om dergelijk hang- en sluitwerk of bevestigingsmiddelen niet meer in deze SKH-Publicatie op te nemen.
De meest recente gegevens zijn in deze versie van de SKH-Publicatie 98-08 verwerkt. Deze SKH-Publicatie is een servicegericht document. Vanuit SKH wordt er voor gezorgd dat deze informatiebron zo actueel mogelijk blijft.
Bevestigingsmiddelen
De van toepassing zijnde bevestigingsmiddelen dienen voorts te voldoen aan de eisen voor metalen onderdelen volgens de KVT , katern 37, waarbij de volgende aanvullingen van toepassing zijn.
Van toepassing zijnde bevestigingsmiddelen:
- stalen spaanplaatschroeven;
- RVS spaanplaatschroeven;
- stalen patentbouten;
- nagels van staal en RVS.
Voor toepassing en verwerking van bevestigingsmiddelen gelden de volgende voorwaarden:
A. m.b.t. de schroefafmetingen voor bevestiging van:
- scharnieren:
- ten minste 4,0x40 mm in naaldhout
- tenminste 4,0x 30 mm in loofhout t.b.v. klasse 2
- tenminste 4,0 x 40 mm in loofhout t.b.v. klasse 3
- Bij toepassing van uitvulplaatjes >1mm dient de schroeflengte te worden aangepast. Bij toepassing van uitvulplaatjes tenminste 4 x 35mm in loofhout toepassen. Bij toepassing van uitvulplaatjes ≤1 mm tenminste 4 x 30mm in loofhout toepassen.
- nastelbare scharnieren: ten minste 4,0x40 (loofhout) of 4,0 x 45 mm (naaldhout) (zie bijlage 1);
sluitwerk: afhankelijk van houtsoort en/of type sluitwerk, zie de specificaties in bijlagen 2 en 3;
- draaivalbeslag: afhankelijk van type en onderdeel, zie de specificaties in bijlage 2;
- hefschuifbeslag, zie specificatie in bijlage 2;
B. m.b.t. de verwerking van schroeven voor sluitwerk en beslag:
- om splijten van het hout te voorkomen, dienen ten minste de onderstaande onderdelen voorgeboord te worden: